Berichten

Novice her-ijking woensdag besproken

Komende woensdag vindt het 96e Amateur Overleg plaats tussen VERON, VRZA en Agentschap Telecom. In de middag zullen enkele zaken besproken worden, waaronder het dossier Novice Her-ijking. Agentschap Telecom gaf eerder al aan de gewogen resultaten niet blind te vertrouwen en ook de ruwe data te willen zien.

Daarnaast ligt het in de verwachting dat de half jaar geleden ingevoerde gedragslijn vergunningen geëvalueerd gaat worden. Enkele hiaten in het nieuwe vergunningstelsel zijn onder andere de identificatie die verplicht in voice of CW moet. Dit kan tot problemen leiden bij APRS-stations. Ook staat het roepletters beleid, ook wel bekend als het ‘PA0-dossier’ als open punt.

‘Gerommel rond uitslagen enquête Novice her-ijking’

VERON en VRZA hebben vorige week donderdag de resultaten van de onlangs gehouden enquête gepubliceerd. Daarbij lijken de resultaten niet de werkelijke stemming te vertonen. De verenigingen hebben namelijk ‘gewogen resultaten’ gebruikt, zo schrijft VERON bestuurslid Johan Jongbloed (PA3JEM) op de Mattermost chat server van de Hobbyscoop. Daardoor telt volgens eigen uitleg een stem van een Novice amateur aanzienlijk zwaarder dan een stem van een Full amateur.

De verenigingen gaan hiermee in tegen de opdracht die Agentschap Telecom gegeven heeft. In het officiële verzoek van de toezichthouder wordt aangegeven dat VERON en VRZA mogen meedenken omdat zij de belangen van alle radiozendamateurs vertegenwoordigen. Door de enquêteresultaten van een kleinere groep aanzienlijk zwaarder te laten tellen wordt niet het belang van alle radiozendamateurs vertegenwoordigd.

Een ander lid laat weten “foezelen met de uitkomsten is de bijl aan de wortel vd enquete”. Hij noemt daarbij een vergelijk met de politiek. “Er zijn minder stemmers voor de PvdD dan de VVD, dus we passen een correctiefactor toe om de PvdD-stemmers gelijk te trekken”.

Hamnieuws heeft zondagmiddag de vraag bij de verenigingen voorgelegd of en hoe een ‘correctiefactor’ is toegepast. Van VERON is enkel een reactie ontvangen dat de vraag uitgezet is en reactie volgt. Deze hebben we echter nog niet mogen ontvangen. Van de VRZA is wel een reactie ontvangen.

“Wat betreft je vraag of de resultaten van de Novices 5 x zo zwaar meetellen, kan ik stellen dat dat niet klopt. Ook voor de F-geregistreerden is een factor toegepast. Om het voorbeeld van PE1PTP te volgen: Als er gesteld wordt dat er 200 N-amateurs hebben meegedaan, dan klopt het in verhouding ook dat er zo’n 400 F-amateurs hebben meegedaan. Daarvoor is de factor dan 2,5. Dat betekent dat de N-amateurs niet 5 keer maar ongeveer 2 keer zo zwaar meetellen.”, aldus Ron Goossens (PB0ANL) namens de VRZA.

Ruwe data niet beschikbaar gesteld
Van beide verenigingen hebben we nog geen ruwe data ontvangen. Er is dus geen controle uit te voeren of en hoe de correctiefactor, als die inderdaad toegepast is, werkt en of dit gevolgen heeft voor de uitslag. En dat is jammer, want door de ruis die ontstaan is op de chatserver weten leden die gestemd hebben en de verschillende antwoorden die gegeven worden door VERON en VRZA nu niet hoe het echt zit, noch kunnen zij een controle uitvoeren.

Van VERON-woordvoerder Jean-Paul (PA9X) hebben we inmiddels onderstaande toelichting ontvangen (later toegevoegd aan dit bericht).

Je verzoek om de ruwe data van de enquête N-herijking met Hamnieuws te delen moet ik afwijzen. De ruwe data bevat per deelnemer aan de enquête, persoonlijke informatie. Het gaat om het lidmaatschapsnummers i.c.m. de postcode van de deelnemer. Als wij deze data openbaar maken kan op basis van de postcode de identiteit van deelnemers mogelijk herleid worden. Bijvoorbeeld door met de postcode via QRZ.com te zoeken. Of door op basis van de postcode een straatnaam te herleiden en die via QRZ.com op te vragen. Daarmee is de privacy van de deelnemers aan deze enquête niet meer gewaarborgd en handelen wij dus in strijd met de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp).

Verder is de combinatie van lidmaatschapsnummer en postcode een methode om bij enquêtes te controleren of een deelnemer lid is van de VERON. Door het openbaar maken van deze combinaties, zou iemand deze kunnen misbruiken door deze bij toekomstige enquêtes in te vullen, en zich zo voor te doen als een ander persoon. Dat willen we te allen tijde voorkomen.

De ruwe data maken we ook niet openbaar zonder bijbehorende lidmaatschapsnummers en postcodes. Het is dan namelijk geen ruwe data meer, maar bewerkt en zonder de unieke sleutel van het lidmaatschapsnummer en de postcode. Dan zijn de uitslagen niet meer te valideren. Wij kunnen de geldigheid van de data alleen garanderen indien deze vergezeld gaan met de lidmaatschapsnummers en postcodes.

Door gebruik te maken van de unieke sleutel lidmaatschapsnummer i.c.m. postcode garanderen wij namelijk dat de uitslagen afkomstig zijn van onze leden. Na controle in onze ledenadministratie op een geldige combinatie van lidmaatschapsnummer en postcode, zijn de ongeldige combinaties uit de uitslagen verwijderd. Dat is met een applicatie gecontroleerd en daarna nog eens tweemaal handmatig gecontroleerd.

Zo zijn een twintigtal ongeldige uitslagen niet meegenomen, dat geldt ook voor dubbele uitslagen. Van leden die de enquête meerdere malen hebben ingevuld zijn alleen de eerst ingediende resultaten geaccepteerd. De resultaten die via het enquêteformulier zijn ingediend kunnen in het bronbestand ook niet gewijzigd worden. De applicatie die de VERON heeft gebruikt, staat dat niet toe.

Kortom, de VERON kan dus per individuele uitslag aantonen dat de deelnemer in kwestie lid is van de VERON.

Verder wil ik je mededelen dat de werkgroep N-herijking de ruwe data van de VERON gebruikt als bron voor het herijkingsproces. Zoals je weet maakt Agentschap Telecom deel uit van deze werkgroep. Het is uiteindelijk aan Agentschap Telecom om de ruwe data die de VERON aanlevert te beoordelen op juistheid. Door de toegepaste methode van enquêteren hebben wij daar het volste vertrouwen in.

Ik hoop dat je deze toelichting snel op Hamnieuws publiceert.

Jean-Paul Suijs | PA9X

Woordvoeder VERON
Hoofdredacteur website en social media kanalen

Maar dan…
Opeens wordt duidelijk waarom de resultaten niet beschikbaar komen. Het is duidelijk dat de verenigingen enkel tijd willen rekken. VRZA PR-man Otto de Ruig (PD2ODR) verzend  een e-mail waarbij beide verenigingen de antwoorden op elkaar afstemmen alvorens deze naar Hamnieuws te versturen. Daar valt te lezen dat het VRZA-bestuur vindt dat Hamnieuws een “Redacteurtje eenmansblog” is en dat ze “niet verplicht informatie te delen met privé initiatieven zoals Zwamnieuws”, want “Zijn manier van publiceren bevalt ons niet.” Er valt op te maken dat de VRZA, ondanks eerder wel toegezegd niet van plan is informatie te delen met leden. “Als je het deelt met de leden is er altijd iemand die lekt. Maar wat is het nut van het publiceren van de ongewogen resultaten?. Er wordt hiermee door randy gesuggereerd dat we ‘niet correcte’ informatie hebben verstrekt.”

Hamnieuws betreurt deze reactie van het VRZA-bestuur.

VRZA enquête over Novice Herijking online

De VRZA heeft zojuist een enquête online gezet, nadat de vereniging volgens eigen zeggen door VERON benadeeld is. De vereniging heeft daarom eenzelfde enquête online gezet die leden in kunnen vullen. Zij hebben hiervoor tot 17 juni a.s. de tijd voor.

Leden kunnen in het besloten ‘Mijn VRZA’ gedeelte van de website deelnemen. Voor wie nog geen lid is van de VRZA kan dit worden voor 25 euro per jaar. Een lidmaatschap is meteen actief.

VRZA teleurgesteld in VERON

De VRZA heeft vanmorgen een artikel op haar website geplaatst, waarin ze teleurgesteld is in de manier waarop VERON haar enquête online gezet heeft. De vereniging geeft aan dat in overleg met Agentschap Telecom is besloten dat de enquête gezamenlijk gehouden zou worden.

In de afgelopen weken kregen we al sterk de indruk, dat de Veron verdere samenwerking m.b.t. de enquête niet op prijs stelde. Dat is ons inziens bevestigd door de eenzijdige publicatie van de Veron, waarbij de Veron zelf een selectie uit de kandidaat-vragen heeft uitgevoerd en ons verzoek om de vragen vooraf met ons te delen, heeft genegeerd.

De VRZA zal binnen enkele dagen met dezelfde enquête komen op haar website. Leden kunnen in het besloten ‘Mijn VRZA’ gedeelte van de website deelnemen. Voor wie nog geen lid is van de VRZA kan dit worden voor 25 euro per jaar. Een lidmaatschap is meteen actief.

Een antwoord op de Novice herijking?

De verenigingen zijn druk om na te denken hoe ze een antwoord gaan geven op het verzoek van Agentschap Telecom inzake het dossier ‘Novice herijking’. De VRZA heeft een werkgroep samengesteld, VERON is vandaag met een enquête komen om haar leden te raadplegen. Veel van deze (niet) leden wisselen al even informeel van gedachten op de Hobbyscoop chatserver.

Niemand lijkt echter nog een concreet antwoord te hebben op de vraagstellingen van de toezichthouder. Hamnieuws heeft van een van onze lezers een ingezonden brief ontvangen die een richting kan bepalen waar één en ander heen zou kunnen gaan. De basis voor de nieuwe Novice vergunningen die met ingang van 1 april 2018 afgegeven worden is daarbij genoemd, alsook de bijbehorende frequenties en vermogens.


Update: Mochten andere lezers andere meningen hebben, dan kunnen deze voorzien van uitgebreide onderbouwing per punt verzonden worden naar redactie@hamnieuws.nl onder vermelding van ‘Ingezonden brief’. Het originele uitgangsdocument te te vinden op de website van de VRZA.


Agentschap Telecom
t.a.v. de heer F. Hofsommer
Postbus 450
9700 AL Groningen

Uw kenmerk: AT-EZ/AO
Onderwerp: Herijking N-registratie

Geachte heer Hofsommer, De verenigingen hebben kennisgenomen van uw verzoek van 9 maart jl. inzake herijking van de N-registatie. Na intensieve overlegmomenten en consultatie trachten wij de door u gestelde vragen binnen de door u aangegeven randvoorwaarden, hopelijk naar uwer tevredenheid, hieronder te beantwoorden.

U vraagt van ons antwoorden gestoeld op zowel een gedegen als objectieve onderbouwing én waarbij sprake is van het fundamenteel opnieuw bezien inzake:

1. “Waar de N-registratie voor dient”
Ons inziens vormt de N-registratie een eerste kennismaking met de mogelijkheden die het zendamateurisme biedt. Wij zijn verheugd dat u de meerwaarde van de amateurdienst onderkent en beoordeelt als een instrument om innovatie in het radiofrequentiespectrum te bewerkstelligen.

Terecht stelt u dat voor deze innovatie kennis en vaardigheden nodig zijn. In de praktijk blijkt het vereiste kennisniveau voor de F-registratie (in beginsel) voor sommige geïnteresseerden in het zendamateurisme te hoog gegrepen is. Een reflexmatig antwoord uwerzijds zou kunnen zijn dat deze geïnteresseerden hun geluk dan maar op andere hobbyvlakken moeten zoeken of in andere -meer gereguleerde- delen van het radiofrequentiespectrum. Dit vinden wij echter te kort door de bocht omdat de radioamateurdienst zich wezenlijk onderscheidt van andere radiodiensten. De radioamateurdienst is een van de weinige, zo niet de enige, radiodienst is die experimenten met radiozendinrichtingen toelaat.

Het is onze hoop dat, door N-certificaathouders tóch in de amateurbanden toe te laten, zij door interactie met andere zendamateurs worden geïnspireerd en uitgedaagd om zich zodanig te ontwikkelen en bekwamen dat na een redelijke en billijke periode het F-examen kan worden behaald.

Als redelijke en billijke periode stellen wij drie jaar voor. Met de voorgestelde tijdelijke periode menen wij dat zowel toekomstige als bestaande N-certificaathouders door deze objectieve, maar bewust ook tijdige, prikkel willen doorleren naar het F-niveau om zo succesvol het F-examen te halen.

Indien een N-certificaathouder na de voorgestelde drie jaar niet heeft aangetoond het F-examen met goed gevolg te halen, ligt herbezinning omtrent het type en de aard van de radiohobby voor het betreffende individu in de rede en wordt de N-registratie ingetrokken. Het is duidelijk niet onze wens dat er continue sprake blijkt van periodieke ‘herregistratie’ op N-niveau omdat daarbij geen bijdrage wordt geleverd aan de innovatiekracht van de amateurdienst. Het staat de dan ex-N-certificaathouder vanzelfsprekend vrij deel te nemen aan (toekomstige) F-examens. Blijkbaar heeft zijn tijdelijke en kennismakende aanwezigheid van drie jaar binnen de amateurbanden niet positief bijgedragen aan het verhogen zijn kennisniveau en zal hij andere methoden moeten vinden om aan het F-niveau te voldoen.

2. “Over welke kennis en kunde men beschikt als men het N-certificaat heeft behaald”
In uw randvoorwaarden refereert u naar het document CEPT-ECC Rec (05) 06. In dit document wordt verwezen naar het ERC Report 32. Dit rapport beschrijft de kennis en kunde waarop toekomstige N-examenkandidaten dienen te worden getoetst. Na het succesvol afleggen van het N-examen krijgen geslaagde kandidaten een certificaat waarmee bij uw instantie tegen een billijke vergoeding een N-registratie kan worden aangevraagd indien de certificaathouder dit wenst.

3. “Welk gebruik van frequenties daar bij zou moeten horen”
Ons inziens moet een N-certificaathouder aan zowel een gebruikelijke als laagdrempelige vorm van radioverkeer binnen de amateurbanden kunnen deelnemen. Wij vinden hiertoe analoge spraakvormen zeer geschikt. Afhankelijk van de gebruikte frequentieruimte denken wij aan FM (F3E) en SSB (J3E) met inachtneming van betreffende IARU R1-bandplannen en bandbreedten.

Naar onze mening dient een N-certificaathouder zich doelbewust binnen de amateurbanden te manifesteren. Zijn doel is om zich gedurende de kennismakingsperiode te bekwamen tot het F-niveau. Daarbij dient hij op bewuste wijze met de toegewezen frequentieruimte om te gaan en zich te richten op zijn eigen spectrale impact en niet zich niet te laten (af)leiden en/of afhankelijk te zijn van (actieve resp. doorgeef) experimenten van anderen. Om deze reden achten wij simplexfrequentiegebruik toereikend en wel op een zodanige wijze dat stoorpotentieel naar ander(e) frequentiegebruik(s) wordt voorkomen, ongeacht de status van ander(e) frequentiegebruik(ers) binnen de vigerende frequentieruimte.

4. “En vervolgens beoordelen welke frequenties hiervoor kunnen dienen, mede gelet op ander gebruik van deze frequenties en het stoorpotentieel”
Zoals wij in de beantwoording van de vorige vraag trachtten uit te leggen, zou een N-certificaathouder aan het simplexradioverkeer moeten kunnen deelnemen met de analoge spraakvormen F3E en J3E. Dit betekent dat er voor N-certificaathouders in beginsel geen frequentieruimte beschikbaar moet zijn waarin andere typen en/of vormen van radioverkeer, resp. ander frequentiegebruik, plaatsvindt. De IARU heeft internationaal afgestemde bandplannen die wij als uitgangspunt kiezen. Hierdoor wordt voor een zeer groot deel voorkomen dat N-certificaathouders ander(e) frequentiegebruik(ers) storen.

Omwille van de voorgestelde wijzigingen in het rapport ITU-R M.1732 moet destemeer worden voorkomen dat N-certificaathouders (onbedoeld) zelf storing veroorzaken of andere radiodiensten, -verkeer en/of -toepassingen storen. Naast dat verkeerd frequentiegebruik verstorend kan werken, speelt het gehanteerde zendvermogen een zeer voorname rol.

Na intensief beraad onzerzijds stellen wij de volgende amateurfrequentiebanden -met het daarbij behorende frequentiegebruik- voor N-registranten voor en is gebaseerd op de volgende criteria:

a. de frequentieruimte is uitdagend genoeg om door leren voor de F-registratie
b. hij/zij moet eenvoudig kunnen deelnemen aan bestaand radioverkeer
c. de N-registrant gebruikt commercieel verkrijgbare apparatuur
d. de frequentieruimte is representatief en prikkelend t.a.v. bestaande radiopropagatievormen
e. stoorpotentieel naar ander(e) frequentiegebruik(ers) wordt voorkomen
f. wezenlijk onderscheid tussen de N- en F-categorieën

Voorgestelde frequentieruimte, gebruik en uitgangsvermogen:
3620 – 3700 kHz, simplex, J3E (lage zijband, LSB), uitgangsvermogen 25W PEP
14125 – 14345 kHz, simplex, J3E (hoge zijband, USB), uitgangsvermogen 25W PEP
144.150 – 144.397 MHz, simplex, J3E (hoge zijband, USB), uitgangsvermogen 25W PEP
145.2125 – 145.5625 MHz, simplex, F3E, uitgangsvermogen 25W

De voorgestelde frequentiesegmenten zijn gebaseerd op de IARU R1-bandplannen met daarin gecoördineerd frequentiegebruik met analoge modulatievormen. Alhoewel het in de rede ligt het zendvermogen ‘aan te passen’ aan commercieel/laagdrempelige beschikbare apparatuur vinden wij een dergelijke aanpassing geen bijdrage leveren aan het op een, gedurende de driejarige kennismakingsperiode, doelbewuste manifestatie van de N-registrant binnen het radiofrequentiespectrum.

Onze zienswijze is dat de N-registrant zich gedurende de kennismakingsperiode bewust moet zijn, dan wel worden gemaakt, van zijn beperkingen om zo de prikkel om het F-examen te halen te maximaliseren. Dit borgt ons inziens ook uw wens om de N- en F-categorie wezenlijk van elkaar te laten onderscheiden. Kwa zendvermogen alleen scheelt dit dus 12 dB (‘twee S-punten’).

Wij hebben de volgende objectieve argumenten voor de door ons voorgestelde frequentieruimte: De frequentieband 144 – 146 MHz (zgn. 2m band) biedt naast een landmobiel en regionaal karakter ook mogelijkheden voor internationaal verkeer. De diversiteit aan radiopropagatievormen op de 2m band dragen met name aan het internationale verkeer bij. Vanuit propagatieperspectief voegen hogere frequentiebanden (zoals b.v. 70cm 430 – 440 MHz) niets toe. Erger nog, deze hogere frequentiebanden bieden juist mínder propagatievormen.

De afgelopen jaren is gebleken dat de huidige N-allocatie binnen de 40m band (7050 – 7100 kHz) is dichtgeslibd met een diversiteit aan frequentiegebruik(ers) waardoor het stoorpotentieel van huidige N-registranten is verhoogd. Daarbij is een waargenomen trend dat de kritische frequentie van onze aardatmosfeer boven Europa in toenemende mate 7 MHz niet meer haalt.

Om (toekomstige) N-certificaathouders toch tijdelijk de mogelijkheid te geven gebruik te maken van zo veel mogelijk propagatievormen, stellen wij een segment in de 80m band (3620 – 3700 kHz) voor. Dit segment is hoofdzakelijk gealloceerd voor analoge spraak (J3E). De propagatievormen aldaar zijn gemiddeld genomen meer divers zodat N-certificaathouders bijvoorbeeld ook structureler met NVIS (Near Vertical Incident Skywave) propagatie kennis kunnen maken.

De 20m band hebben wij gekozen zodat N-certificaathouders zich kunnen bekwamen in deelname aan internationaal radiozendamateurverkeer. Het bandsegment 14125 – 14345 kHz is conform IARU R1 hoofdzakelijk gealloceerd voor analoge spraak (J3E).

Ons inziens voegt de huidig toegewezen frequentieruimte binnen de 10m-amateurband niets toe. Erger nog, omdat propagatievormen in deze band zeer afhankelijk zijn van zonneactiviteit (de zgn. 11-jarige zonnecyclus) zou het oneerlijk zijn N-certificaathouders tijdens hun driejarige kennismakingsperiode daarvan ‘de dupe’ te laten zijn. Dit moet dus worden voorkomen.

Naast ons voorstel inzake het beantwoorden van uw verzoek, willen wij u een andere kwestie onder de aandacht brengen. De afgelopen jaren is het radiolandschap in Nederland en daarbuiten drastisch veranderd door o.a. de opmars van mobiele telefonie en digitalisering van omroeptoepassingen. Ons is gebleken dat sommige huidige examenvragen (N en F) zijn verouderd en/of niet meer appelleren aan de huidige toestand van de ether.

Om realiteitswaarde van deze vragen te verhogen, zijn meer representatieve vragen gewenst om (toekomstige) N-certificaathouders beter te faciliteren met het succesvol halen van het F-examen.

Voorts is een voornaam aandachtspunt dat in de toekomst moet worden voorkomen dat potentiële certificaathouders (N en F) door het alleen leren van (oude) examens, in combinatie met de juiste antwoorden, slagen. Het beoogde doel van een N- of F-examen is ons inziens dat examenkandidaten worden getoetst op cognitieve kennis zodat zij -na slagen- zo optimaal mogelijk een bijdrage kunnen leveren aan de innovatiekracht van de amateurdienst.

Dit brengt ons inziens met zich mee dat er een grotere diversiteit aan examenvragen moet komen die niet, of significant moeilijker, op basis van patroonherkenning ‘aan te leren’ zijn.

Het heeft onze voorkeur dat ons voorstel inzake de beantwoording van uw vragen met ingang van 1 april 2018 ingaat. Ons voorstel met betrekking tot de examenvragen zal waarschijnlijk wat meer tijd vergen tot bijvoorbeeld 1 januari 2019.

Graag vernemen wij uw reactie op bovenstaande en zijn te allen tijde bereid onze voorstellen toe te lichten.

Met vriendelijke groet,

. . . . . . . .

Download het originele document.

De VRZA geeft een update over ‘Novice Herijking’

De VRZA heeft vandaag een update gegeven over de ‘Novice herijking’. De vereniging heeft er inmiddels 3 werkgroepbijeenkomsten op zitten. Daarnaast heeft de VRZA een oriënterend gesprek met de Veron en het Agentschap Telecom achter de rug.

De ideeën van de Werkgroep lijken zich op twee gebieden toe te spitsen:

  1. Zijn er wellicht goede argumenten te vinden om het AT ervan te overtuigen dat we de gehele 40 meter band ter beschikking willen hebben? Zijn er mogelijkheden voor vrijgave van de 80 meter band? Van de ons omringende landen zijn wij de enige waarvan de N-geregistreerde geen gebruik mag maken van die band.
  2. Wat zijn de mogelijkheden – als je een tijdje je N-registratie hebt en actief bent op de verschillende banden – om door te groeien naar een F-registratie, waarbij natuurlijk wel voldaan moet worden aan de CEPT Harec recommandatie? Welke onderwerpen zouden dan in een mogelijk aanvullend examen nog getoetst moeten worden?

“Tijdens de laatste bijeenkomst met Agentschap Telecom en de VERON hebben we afgesproken gezamenlijk op te trekken voor deze enquête. Zo zullen de enquête- vragen door zowel de Veron, de VRZA en het AT worden opgesteld. Ook de VRZA wil deze enquête beschikbaar stellen aan haar leden”, laat Ron (PB0ANL) namens de VRZA weten.

Meer informatie: VRZA.nl.

Praat zelf mee over de ‘Novice herijking’

De Hobbyscoop heeft een chatserver ingericht met daarin diverse kanalen die interessegroepen vormen. Bijna 300 zendamateurs zijn inmiddels lid. Een van de kanalen is specifiek ingericht om te praten over het herijkings-traject voor de Novice licentie. Zendamateurs, Full en Novice, komen hier samen om over de vier vragen van Agentschap Telecom te discussiëren.

Zelf een mening vormen over het dossier Novice Herijking en samen met collega zendamateurs een mening vormen? Meld je dan aan op https://mattermost.pi9noz.ampr.org/.

Agentschap Telecom over ‘Novice herijking’

De randvoorwaarden die Agentschap Telecom heeft gesteld aan de verenigingen zijn afgestemd en op papier gezet. Dat heeft de toezichthouder vorige week laten weten aan de verenigingen. Op de website van de VRZA is deze brief inmiddels te lezen.

Met herijken bedoeld de toezichthouder te onderzoeken:

  1. waar de N-registratie voor dient;
  2. over welke kennis en kunde men beschikt als men het N-certificaat heeft behaald;
  3. welk gebruik van frequenties daar bij zou moeten horen;
  4. En vervolgens beoordelen welke frequenties hiervoor kunnen dienen, mede gelet op ander gebruik op deze frequenties en stoorpotentieel.

Mocht het onderzoek leiden tot veranderingen in het pakket, dan heeft de toezichthouder een hele lijst met randvoorwaarden gesteld waarop een eventuele wijziging moet voldoen. Er moet een wezenlijk verschil blijven tussen de N en F licentie. Ook moet het pakket rekening houden met de gevolgen voor secundaire gebruikers en rekening houden met een mogelijk stoorpotentieel dat veroorzaakt kan worden door mindere (technische) kennis. Daarbij vraagt de toezichthouder zich af of aanpassing van de mogelijkheden voor N-amateurs überhaupt noodzakelijk is.

Voorstellen voor wijzigingen in het huidige pakket zijn van een objectieve en gedegen motivering voorzien. Het huidige pakket biedt de N-amateur al de nodige mogelijkheden om met het zendamateurisme kennis te maken. Als een Novice amateur meer mogelijkheden wenst, dan kan hij/zij doorleren voor een Full registratie. Op basis van welke objectieve criteria is aanpassing van de mogelijkheden voor N-amateurs überhaupt noodzakelijk?

Wanneer het onderzoek gereed is zal Agentschap Telecom zich inspannen om deze te implementeren, mits dit voorzien is van een objectieve en gedegen motivatie. Het is echter aan de verenigingen, ondersteund door de toezichthouder, om tot onderzoeksresultaten te komen.

De VERON over ‘Novice herijking’

Naar aanleiding van de publicatie eerder deze week, waarin de VRZA aangeeft hoe zij met de ‘Novice herijking’ om gaat zijn de nodige reacties binnen gekomen. De VRZA kiest er voor om een werkgroep samen te stellen die (voornamelijk) uit Novice amateurs bestaat om tot een tweetal pakketten te komen. Een pakket samengesteld door leden, dat zou moeten kunnen rekenen op voldoende draagvlak onder de belanghebbenden.

Op de website van de VERON komt het woord herijken niet voor in de nieuwsberichten. Een zoekopdracht laat zien dat het woord uitsluitend in een extern verslag van met Amateur Overleg te vinden is. De redactie heeft VERON-voorzitter Remy Denker gevraagd hoe de grootste landelijke vereniging om gaat met het dossier ‘Novice herijking’. Na twee dagen merken we dat het bericht meermaals gelezen en doorgestuurd is (Hamnieuws kan e-mails traceren door de afbeelding in de handtekening, RtH) en vragen we opnieuw aan de VERON-voorzitter wat de status is, of dat er mogelijk geen pasklaar antwoord is en we dat moeten publiceren.

Vandaag ontvangen we een e-mail. De voorzitter laat na ruim 3 dagen, weten ‘niet van deze vorm van communiceren gediend te zijn’ en (de manier van) Hamnieuws ‘een lage vorm van journalistiek te vinden’. Half geeft hij antwoord op de vraag wat VERON doet. “Binnenkort verschijnt er een reactie van AT over dit onderwerp.” VERON-leden moeten dus nog in het ongewisse blijven. We hebben de VERON-voorzitter aangegeven dat leden weinig met dit antwoord kunnen, dat in zijn geheel op de VERON-website ontbreekt. De voorzitter is echter duidelijk: “Over de reactie van de VERON in deze zaak ga ik nu niet in discussie.”

Hoe de VRZA werkt aan de ‘Novice herijking’

Tijdens de VRZA medewerkersdag die gisteren in Almere gehouden werd heeft Ron (PB0ANL) een presentatie gegeven over de status van het herijken van het Novice pakket. Vanuit Agentschap Telecom is aan de verenigingen gevraagd om het pakket voor N-amateurs in zijn geheel te herijken en een compleet pakket voor te stellen waarvan de leden vinden dat het recht doet aan de mogelijkheden die N-amateurs zouden moeten hebben. Het pakket moet breed gedragen worden binnen de amateur gemeenschap, zowel door Full als Novice amateurs, en leiden tot een pakket dat de komende 5 tot 10 jaar gebruikt zou moeten worden.

De VRZA wil eind deze week een werkgroep samengesteld hebben die bovenstaande moet gaan voorbereiden. Het doel is om tijdens de Algemene Leden Vergadering die op 8 april a.s. gehouden word in Hilversum de samenstelling te presenteren aan de leden en hen om een mandaat te vragen. Dit moet leiden dat er voor 1 juni 2017 twee uitgewerkte voorstellen liggen die voor 1 juli met de VERON afgestemd gaat worden. Een maand later moet er een definitieve versie liggen, die op 25 oktober 2017 ingebracht kan worden tijdens het Amateur Overleg tussen de verenigingen en Agentschap Telecom.

Alle leden van de VRZA mogen tijdens de ALV meepraten over de koers van de vereniging, waaronder de herijking voor Novice amateurs. De vereniging is op zoek naar leden om zitting te nemen in de werkgroep die de pakketten moet gaan samenstellen en heeft inmiddels op haar website een oproep geplaatst.